Trainen ter verbetering van de kwaliteit van leven en het fysiek functioneren bij kanker

Trainen ter verbetering van de kwaliteit van leven en het fysiek functioneren bij kanker
mei 1, 2018 Peter Smeets

Onderzoekers & Auteurs Maike G. Sweegers en Laurien M. Buffart onderzochten namens het Polaris consortium de effecten van bewegen & sporten bij kanker. 

Doel: onderzoeken of het effect van fysieke trainingsprogramma’s op de kwaliteit van leven en het fysiek functioneren van patiënten met kanker afhankelijk is van bepaalde kenmerken van de patiënt of van specifieke trainingsvoorschriften.

Opzetmethode: meta-analyse van individuele-patiëntengegevens (IPD) en een reguliere meta-analyse van gerandomiseerde interventiestudies.

Methode: voor de analyses werden de resultaten van verschillende gerandomiseerde interventiestudies samengevoegd. Verschillen in trainingseffecten tussen patiënten met verschillende demografische en klinische eigenschappen werden onderzocht door middel van interactietermen; hiervoor werd de IPD gebruikt. Verschillen in effecten voor verschillende trainingsvoorschriften werden onderzocht door middel van subgroepanalyses van de gepubliceerde gegevens.

Resultaten: we vonden een klein maar significant positief effect van fysieke training op de kwaliteit van leven en het fysiek functioneren. In de IPD-meta-analyse vonden we geen verschillen in de effecten van fysieke training tussen patiënten met verschillende demografische en klinische kenmerken. In zowel de IPD- als de reguliere meta-analyse vonden we een significant verschil in effect op de kwaliteit van leven (p < 0,01) en het fysiek functioneren (p = 0,01) tus- sen gesuperviseerde trainingen en trainingen die niet gesuperviseerd waren. Daarnaast vonden we in de reguliere meta-analyse voor niet-gesuperviseerde trainingen significant grotere effecten wanneer het wekelijks voorge- schreven energieverbruik hoger was.

Conclusie: de resultaten laten zien dat fysieke training tijdens en na de behandeling van kanker kan leiden tot een betere kwaliteit van leven en fysiek functioneren. De effecten verschilden niet tussen patiëntgroepen. Gesuperviseerde trainingsprogramma’s resulteerden in grotere effecten dan niet-gesuperviseerde trainingsprogramma’s. De effecten van niet-gesuperviseerde trainingsprogramma’s op het fysiek functioneren waren groter bij een hoger voorgeschreven wekelijks energieverbruik.

 

Noot  Tegenkracht: in de reeks wetenschappelijke bewijsvoeringen rondom de functie van sporten en bewegen bij kanker is het bovenstaande gepubliceerd in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde op 18 april 2018, zie https://www.ntvg.nl/artikelen/trainen-ter-verbetering-van-de-kwaliteit-van-leven-en-het-fysiek-functioneren-bij-kanker